Engelbewaarder-site.jouwweb.nl
Engel354kb-1.jpg

BOODSCHAPPEN VAN 1 T/M 15 JANUARI

1 januari

De goddelijke Voorzienigheid heeft mij voor de eeuwigheid jou toegewezen. Vanaf de moederschoot waak ik over je. Door goddelijke uitverkiezing ben ik jouw levensgezel. Met Moeder Maria waak ik over je. Ik vraag je de liefde met mij te delen die ik jou toedraag. Word meer en meer bewust van de onverbreekbare persoonlijke band die ons verenigt.

2 januari

Ik ben dicht bij je om je te dienen. Doe een beroep op mij. Je mag mij voor een belangrijk verzoek zenden naar de engelbewaarder van wie dan ook. Naar het voorbeeld van Pius XI zond Johannes XXIII dikwijls zijn engelbewaarder weg voor een opdracht.

Ik beleef er veel vreugde aan jou te dienen, en je innerlijk te zien groeien. In de ogen van de Heer heeft jouw ziel een oneindige waarde.


3 januari

God heeft jou de gave van de vrijheid gegeven, hetgeen een wonderlijke en ontzagwekkende gave is! Jijzelf kan beslissen. Voor elke handeling heb je de keuze: het goede te doen dat van God is, of het kwade dat de verkeerde plannen dient van Satan, de "vorst van deze wereld" (Joh.12,31). Bid, dat jou nooit de helderheid ontbreekt in de keuze van het pad waarop jij je begeeft; noch de moed om altijd te kiezen voor de weg die naar de liefde van de Heer leidt. Ik bid met jou.

4 januari

Hoe inniger wij met elkaar verbonden zijn, des te duidelijker je mijn raad verneemt. Het gebed voorziet daarin, evenals in een steeds levendiger bewustzijn van mijn aanwezigheid, van mijn liefde en mijn volledige toewijding aan jou.

5 januari

Ga verder zonder vrees, met de vreugde van Jezus Christus in je hart. De ware volgeling van Jezus kent geen vrees, welke beproevingen hij ook te doorstaan heeft; hij is vreugdevol, zelfs bij tegenspoed. Diep in jou is de vreugde van Christus een bron die nooit ophoudt te borrelen als je innig verbonden blijft met de Heer. In het Evangelie steunt Jezus zo zeer op de om niets ontvangen gave van de vreugde, die Hij brandend van verlangen aan de zijnen wil schenken.

6 januari

Moge dikwijls een lofprijzing op jouw lippen zijn. Begin de dag met God te loven en eindig ermee. Daarvoor ben je geschapen. De lofprijzing is de hoogste uitdrukking van je liefde tot God. Wij engelen, loven de Heer zonder ophouden. Loof Hem om Zijn onmetelijke heerlijkheid, om Zijn liefde en tederheid, Zijn barmhartigheid en vergevensgezindheid. Loof Hem met de drie Wijzen.

7 januari

Kies een lofpsalm* om God te loven, ontsproten uit het hart van een der grote bidders van het Oude Verbond; of laat een kort moment uit je eigen hart enige woorden ontspringen die jouw liefde tot God en bewondering voor de schepping uitdrukken. Moge jouw lofprijzing altijd een dank voor de gave van het leven en de genade van het christelijk geloof zijn. Jezus heeft jou uitverkoren. Laat zien, dat je die goddelijke uitverkiezing waardig bent.

*(Lofpsalmen nrs: 8, 29, 33, 68, 75, 76, 92, 100, 103, 104, 111, 113, 114, 115, 117, 134, 135 136, 145, 147, 148, 149.

8 januari

Bewaar zorgvuldig de vrede van Jezus Christus. Laat niet toe dat de verstrooiingen, het lawaai en de gejaagdheid van de wereld de onschatbare gave van de innerlijke vrede storen. Bescherm ze met kracht.

9 januari

Wat was ik gisteren gelukkig, dichtbij je! Je hebt de aanval van de bekoorder (satan) ondergaan, je hebt hem weerstaan en je bent als overwinnaar uit de strijd gekomen. In die kritieke momenten kan ik niets anders doen dan voor je bidden. Het gebeurt dat je overwonnen wordt door "de vader van de leugen" (Joh.8,44). Dan ben ik ontwapend aanwezig bij jouw nederlaag, en ben ik er diep ongelukkig om. Ik bid dan de Heer, in jouw ongeluk, dat ook mijn ongeluk is, jou te bedekken met Zijn barmhartigheid.

10 januari

De engelbewaarders hebben meerdere malen van de Heer verlof gekregen zich te laten zien, zoals aan de H. Padre Pio of de H. Lemma Galgaai. Gewoonlijk voedt het geloof zich door het onzichtbare. "Zalig zij die geloven zonder gezien te hebben" (Joh.20,29), zegt Jezus. We zullen elkaar zien in het hemels Jeruzalem, in de verblindende schoonheid van het goddelijk Leven. Voer tot dan moedig de strijd van de verovering van het Paradijs. Ik ben getrouw in een voortdurend gebed aan jouw zijde.

11 januari

De Heer geeft mateloos. Vraag Hem veel, en veel zal je gegeven worden, op voorwaarde dat jouw vraag in overeenstemming is met de vereisten voor jouw eeuwig geluk, met het heil van jouw ziel, of van de ziel waarvoor je genade vraagt.

Het leven is zo kort. Houd je niet bezig met dingen die vluchtig zijn als een zeepbel. In het licht van de eeuwigheid, gedurende de tijd van "de grote beproeving" (Apok.7,14) die je hier op aarde doorbrengt, is voor jouw onsterfelijk leven alleen datgene waardevol wat de wereld overleeft en eeuwig is.

12 januari

Spreek overdag dikwijls de Naam van Jezus uit. Hij heeft een uitzonderlijke openbarings- en genezingskracht. Je zult de mensen en de gebeurtenissen anders zien; de schellen zullen je van de ogen vallen, de schellen van de zonde die alle dingen misvormen. In het licht van de genade komt de universele liefde aan het licht, zoals de apostel Paulus het in zijn hymne aan de liefde (1Kor.13) duidelijk heeft gemaakt. Ja, moge de heilige Naam van Jezus vaak op jouw lippen zijn als een liefdezucht.

13 januari

De Eucharistie is het hoogtepunt van het gebed tot de Heer. Het is de gedachtenis van heel Zijn leven, van de kribbe tot Kalvarië. Ze vernieuwt het Kruisoffer. Ze mondt uit in de Verrijzenis, die ze ook voor jou meebrengt. Neem zo vaak mogelijk deel aan de Eucharistie, en van ganser harte.

14 januari

Bid met het hart, dat de kern is van heel jouw wezen. Het gebed is geen vloed van mechanisch opgedreunde woorden. Het is een liefdezucht, zo kostbaar in Gods oog.

Wijd je dikwijls aan de stille beschouwing. Het hart-aan-hart van de geliefde behoeft geen woorden. Zo is het ook met het hart-aan-Hart met Christus Jezus.

15 januari

Leg geleidelijk al je aardse verlangens af. Zoek de verlangens van de Goede Herder; het Evangelie openbaart ze jou. Zo zal je jezelf tot kanaal van genaden des Heren maken, voor jezelf, voor allen die je lief hebt, en voor alle mensen voor wie je bidt. De Goede Herder heeft je nodig, je bent Zijn helper.